Dit is een pagina van de site:KIPPENRASSEN
Welsumer

De Geschiedenis

Het ras is in de eerste helft van de vorige eeuw ontstaan.
Op de zware kleigronden langs de IJssel ( Welsum, Olst, Wijhe,Oene en Epe) stonden de hoenders die zware donkerbruine eieren legden bekend onder de naam "Welsumer". Al deze dorpen hadden wekelijks eiermarkten, en de bruine zware eieren waren erg in trek.
De literatuur wijst erop dat bij het fokken van het ras vermoedelijk Faverolles zijn gebruikt, het destijds veel voorkomen van een vijfde teen wijst ook in die richting. Ook kwamen Dorking, Maleier en Brahma-typen voor.
Het is mogelijk dat de vermenging van deze rassen haar oorsprong vond in het feit dat op buitenplaatsen hoenders gehouden werden geëmporteerd door fokkers.

Tot de fokkers van het eerste uur behoren de families Voorhorst, Beumer en Schokkenkamp.

Evenals dat bij de Barnevelders het geval was, heeft de selectie op legsters van grote donkerbruine eieren de legkracht van het ras niet bevorderd. Zoals gezegd waren de grote koffiebruine eieren de hoofdzaak waarop men fokte, het fokken op kleur en type kwam pas later aan de orde.

Rasbeschrijving

De Welsumer, hoewel tamelijk fors van bouw, houdt het midden tussen middelzware en lichte rassen. Het ras, en vooral de hennen, toont een diep achterlijf, lange rug, een opgaande staart en een volle legbuik, wat voldoende plaats moet bieden voor de goed ontwikkelde legorganen. De middellange hals wordt iets naar voren gedragen. De kop toont, vooral bij de hennen, klein in verhouding tot de lichaamsgrootte. Veren op de kop moeten goudbruin zijn.

Het Welsumerei

Iedereen die de eieren van de Welsummer voor het eerst ziet is er verbaasd over. Ook hoort men wel dat dit soort eieren lekkerder zouden zijn, maar dat is naar mijn mening verbeelding. De smaak wordt bepaald door voeding en huisvesting, ongeacht het ras.

Het ei is bruin gespikkeld en gevlekt.Daar de klier, die de bruine "verfstof" produceert, het tempo van een vlot leggende hen niet kan bijhouden, worden naar gelang een hen meer eieren legt, deze steeds lichter gekleurd.

De opfok

Wanneer de Welsumerkuikens onder de kloek of in de broedmachine droog zijn geworden, ziet men dat er geen 2 diertjes gelijk zijn. Sommige kuikens zijn donker en hebben op de kop en de rug een scherp begrensde tekening zoals we die van elk patrijskleurig ras kennen. Andere kuikens hebben een gelere kleur en de tekening, die wel alle Welsumerkuikens hebben, is niet scherp afgelijnd. Dit grote verschil in kuikenkleur bij de Welsumers heeft al menig beginner in de kippenwereld verbaast doen staan en soms werd gewoon aangenomen dat men door de leverancier van de broedeieren bedrogen was.

Selektie.

Er zijn al heel wat fouten en afwijkingen die bij Welsumers voorkomen genoemd, vooral fouten die jonge opgroeiende dieren laten zien waardoor ze voor de fokker niet meer bruikbaar zijn. De op latere leeftijd verschijnende euvels willen we nu de revue laten passeren.
Daar sommige voorouders van de Welsumers witte oren hebben gehad èn gezien het feit dat het nog een betrekkelijk jong ras is, is het wit in de oren te verklaren. Om het euvel zo snel mogelijk uit de wereld te helpen zou iedere fokker juist deze dieren van de fok moeten uitsluiten. Het komt ook regelmatig voor dat het wit zich pas op latere leeftijd openbaart b.v. als er al een jaar met het dier gefokt is. Er mag aan de Welsumer helemaal geen wit voorkomen , dus ook niet aan de veren!!!

© Copyright Bert en Reiniera van Dijk
E-mail: bert-reiniera@hetnet.nl

© Copyright Bert en Reiniera van Dijk


     
Overgenomen met toestemming van AVICULTURA

Welsumer speciaalclub