Geschiedenis
Ontstaan uit Lakenvelders, Ramelsloher, Orpington en Andalusiërs in
Duitsland en rond 1913 zijn zij officieel erkend. Het ras dankt zijn naam aan de
Duitse fokker O.Vorwerk.
De krielen ontstonden in Oost-Duitsland, een Vorwerkhoen werd gekruist met een
Orpington kriel, Duitse kriel en Barnevelder krielen. In 1963 werden ze in de
Duitse standaard opgenomen.
Beschrijving
Het ras lijkt wat op de Lakenvelder maar er zijn toch wel wat verschillen,
zij zijn bijvoorbeeld zwaarder en voller gebouwd.
Er is sprake van een afgaande vorm met een brede borst en ruime volle
achterpartij. Een brede rug met een brede staart die gedragen wordt onder een
stompe hoek.
De diepzwarte kop heeft een kleine enkele kam, geelachtig-rode ogen en een
blauwgrijze snavel.
Het gewicht van de haan is 2-3 kg. en bij de hen 2-2,5 kg bij de krielen weegt
de haan 900 gram en de hen 800 gram.
Kleurslag
Vorwerkkleur; kop, zadel en staart zijn zwart en de romp is buffkleurig.
Eigenschappen
Het Vorwerkhoen is levendig en actief maar vertrouwelijk van aard zodat ze
redelijk tam te krijgen zijn. Zij zijn geschikt voor een vrije uitloop maar
kunnen ook goed in een ren gehouden worden, wel kunnen zij goed vliegen.
De hennen worden zelden broeds en ook in de winter is er een goede leg, de
eiproductie is zo'n 170 geel-witte eieren per jaar.
Het is een gehard vroegrijp ras, de kuikens groeien dus snel op.
© Joke Osinga


Vorwerkhanen
© Foto: M.W.Struycken