Dit is een pagina van de site:KIPPENRASSEN
Rijnlander

Geschiedenis
De Rijnlanders zijn een Duitse creatie (rond 1900), het uitgangspunt was dieren te creŽren met een hoge productiviteit en ook groot weerstandsvermogen. Leghorn en landhoenders uit de Eifel werden in eerste instantie gebruikt waarna ook nog Bergse Kraaiers en Franse La Mans werden ingekruist.
In 1932 werden de krielen erkend.

Beschrijving
De dieren hebben een middelhoge stelling, het lichaam is gestrekt. De rug is breed, recht en lang en loopt iets af naar achteren. De staart is royaal ontwikkeld en verder is er ook een rijke bevedering waarin de dijbenen verscholen zitten.
De kop is in verhouding klein evenals de oren die wit van kleur zijn. De rode kam is een rozekam met een korte kamdoorn die de neklijn volgt, de oogkleur is donkerbruin (bij de koekoek oranje).
Het gewicht van de haan is 2-2,75 kg en voor de hen 1,75-2,5 kg. Bij de kriele 1000 gram voor de haan en 800 gram voor de hen.

Kleurslagen
Zwart, Patrijs, Blauw gezoomd en koekoek.

Eigenschappen
Dit ras heeft de ruimte nodig, het groeit snel op en komt vlug in de veren en een flinke uitloop is aan te bevelen. Het weerstandsvermogen is groot.
De leg is goed met zo'n 200 witte eieren per jaar.

© Joke Osinga

    
© overgenomen met toestemming van AVICULTURA